Cardiovasculaire risicofactoren

Cardiovasculaire risicofactoren

Cardiovasculaire risicofactoren verhogen de kans dat u ziekten van hart en bloedvaten ontwikkelt (cardiovasculaire ziekten). Gelukkig kunt u een aantal risicofactoren aanpakken!

Welke zijn de risicofactoren voor cardiovasculaire ziekten?

De risicofactoren die zich niet laten beïnvloeden, met andere woorden, waar u niets tegen kunt doen:

  • De leeftijd of het geslacht: het cardiovasculaire risico neemt met de jaren toe. Het is groter bij de man dan bij de vrouw. Maar na de leeftijd van 50 jaar nadert het risico van de vrouw dat van de man en komen ze met het ouder worden steeds dichter bij elkaar.
  • De familiale voorgeschiedenis (erfelijkheid): het cardiovasculaire risico is ook groter als nabije familieleden (ouders, broers of zusters) al een cardiovasculaire ziekte op jonge leeftijd hebben gehad (myocardinfarct of plotselinge dood bij mannen jonger dan 55 jaar en vrouwen jonger dan 65 jaar).
  • De persoonlijke voorgeschiedenis van cardiovasculaire ziekte: iemand die al een hart- of vaatziekte of een hersenaandoening heeft gehad, heeft meer kans op een volgende aandoening.

De risicofactoren die zich wel laten beïnvloeden en waaraan u dus wel iets kan doen:

  • Een onevenwichtige voeding
  • Een zittend leven
  • Diabetes
  • Te veel lipiden (dyslipidemie)
  • Arteriële hypertensie
  • Abdominale obesitas
  • Roken 7

Een onevenwichtige voeding

Een onevenwichtige voeding (te veel vetten, suiker, alcohol) werkt het verschijnen of de verergering van bepaalde cardiovasculaire risicofactoren in de hand, zoals obesitas, diabetes, hypertensie of dyslipidemie.

Om gezond te blijven, moet u vooral minder vet, gesuikerd en zout voedsel eten. Een goede raad: eet gevarieerd en evenwichtig! Een gevarieerde, evenwichtige voeding helpt om cardiovasculaire ziekten te bestrijden

Wilt u van de voordelen van een evenwichtige voeding genieten? Dit zijn enkele tips:

  • Verdeel uw dagelijkse voeding over ten minste drie maaltijden
  • Sla geen maaltijden over
  • Eet op relatief regelmatige uren
  • Eet bij elke maaltijd zetmeelhoudend voedsel en donker brood
  • Eet vaker peulvruchten
  • Eet twee tot drie stuks fruit per dag (geef de voorkeur aan vers fruit)
  • Eet veel groene groenten (ze bevatten veel vezels)
  • Eet minder vet: kook licht, geef de voorkeur aan vis en zeevruchten (liefst twee- of driemaal per week). Vermijd vet vlees, vleeswaren, gefrituurde of vette eetwaren (bladerdeeg, pinda's, gebakjes, koffiekoeken enz.)
  • Vermijd alcohol, zeker op een nuchtere maag
  • Vermijd zoveel mogelijk gesuikerde drank 1

Een zittend leven of gebrek aan lichaamsbeweging

HET WETEN WAARD

Als u geen lichaamsbeweging neemt (en dus een “zittend leven” leidt), vermenigvuldigt uw cardiovasculair risico met bijna een factor 2. Een zittend leven bevordert bovendien de ontwikkeling van andere cardiovasculaire risico's, zoals diabetes, dyslipidemie en obesitas. 1

Hoe krijgt u voldoende lichaamsbeweging?

Regelmatige lichaamsbeweging is koste wat kost noodzakelijk om gezond te blijven en cardiovasculaire risico’s te vermijden. U hoeft daarom geen topatleet te worden! Het volstaat dat u minstens 30 minuten per dag beweegt (bijvoorbeeld wandelen). Door dagelijks te bewegen, beschermt u uw gezondheid elke dag!

Diabetes

Een slecht gecontroleerde diabetes brengt micro- en macrovasculaire complicaties met zich mee. Bij de microvasculaire complicaties worden de bloedvaten van de nieren (renale) en de ogen (retinale) aangetast, en treden complicaties ter hoogte van de zenuwen (neuropathie) op. Op lange termijn treden macrovasculaire complicaties op waarbij een afzetting van vet op de wanden van de slagaders toeneemt (atheroomplaque). 4

Dyslipidemie

Dit is een te hoog gehalte lipiden in het bloed. Cholesterol is een lipide (of vet) dat van nature in het lichaam voorkomt. Het is noodzakelijk voor een goede werking van het organisme.

Cholesterol wordt aangemaakt door de lever en/of geleverd door onze voeding. Het wordt onder twee vormen in het bloed vervoerd:

LDL-C: DE “SLECHTE” CHOLESTEROLHDL-C: DE “GOEDE” CHOLESTEROLTRIGLYCERIDEN: DE ANDERE LIPIDE
Low Density Lipoprotein Cholesterol, of LDL-C, wordt meestal beschouwd als “de slechterik.” Het merendeel (ongeveer 70%) van de cholesterol in ons lichaam bestaat uit LDL-C en een hoog gehalte hiervan kan aanleiding geven tot een vetophoping in de slagaders. Zo’n vetophoping heet een plaque. Het kan resulteren in een verhoogd risico op hart- en vaatziekten zoals een hartaanval of een beroerte.Anderzijds wordt High Density Lipoprotein Cholesterol of HDL-C, veelal “de goede” genoemd. Deze zorgt voor het transport van LDL-C vanuit de slagaders en andere delen van het lichaam terug naar de lever. In de lever wordt vervolgens de LDL-C afgebroken.Het is normaal dat bij een standaard cholesteroltest ook het gehalte van de triglyceriden wordt bepaald. Dit andere type vet wordt aangemaakt door de lever en is vaak verhoogd bij mensen met overgewicht. Een hoog gehalte van dit vet kan eveneens een risicofactor zijn voor hart- en vaatziekten alsook andere ziekten.

LDL-cholesterol wordt door het bloed van de lever naar de cellen gebracht die hem nodig hebben. Hebt u teveel LDL-cholesterol, dan wordt dit afgezet op de wanden van de bloedvaten en worden atheroomplaques gevormd

Let op! Hebt u een te hoge LDL-cholesterol, dan worden vooral de hartslagaders (coronaire bloedvaten) aangetast.

Wat moet u doen als u een te hoge LDL-cholesterol hebt?

Uw arts zal samen met u beslissen welke maatregelen u moet nemen. Hij zal u helpen om uw manier van leven te veranderen. Hoe?

Hij zal u aanraden om:

  • regelmatig lichaamsbeweging te nemen,
  • te proberen wat gewicht te verliezen,
  • te stoppen met roken,
  • minder alcohol te gebruiken,
  • bepaalde vetten te vermijden.

HDL-cholesterol werkt net omgekeerd. Het teveel aan HDL-cholesterol wordt door het bloed uit de cellen of van de slagaderwanden verwijderd, naar de lever gebracht en daar afgebroken.

Hoeveel “HDL-cholesterol" hebt u nodig?

Mannen hebben een HDL-cholesterol van meer dan 40 mg/dL nodig, vrouwen een gehalte >46 mg/dL. 8

Hoe beoordeelt u uw cholesterolspiegels?

Om uw cholesterolspiegels (LDL- cholesterol en HDL-cholesterol) te kennen, moet uw huisarts een laboratoriumanalyse (lipidenonderzoek) voorschrijven. Hij zal u ook uitleg geven over de normale waarden voor uw situatie en uw risicofactoren. Een enkele bloedafname (terwijl u nuchter bent) volstaat om uw cholesterol te kennen.

Triglyceriden

Triglyceriden vormen een belangrijk deel van de vetten die wij eten en die in ons bloed belanden. Ze zijn een essentiële energiebron voor het lichaam. Een teveel aan triglyceriden, wat bij diabetespatiënten vaak voorkomt, werkt het ontstaan van atheroomplaques in de hand. 8

Arteriële hypertensie

Wat is arteriële hypertensie

Het is een te hoge bloeddruk in uw slagaders. De wanden van de slagaders verdikken of worden minder soepel. Na verloop van tijd worden ze beschadigd. Dat bevordert de vorming en ontwikkeling van atheroomplaques.

Wanneer spreken we bij diabetespatiënten van arteriële hypertensie?

Wanneer de door de arts gemeten bloeddruk gelijk is aan of hoger dan 140 (systolisch)/80 (diastolisch) mmHg. Bij patiënten met nier-, oog-, of cerebrovasculaire ziekten, of bij bepaalde jongere patiënten, is dit 130/80 mmHg. 4

Welke organen worden getroffen door arteriële hypertensie?

Hypertensie treft vooral de bloedvaten van de hersenen (cerebrale), van het hart (coronaire), van de nieren (renale) en van de ogen (retinale).

Obesitas

Vet, vooral in de buik of rond de organen (nieren, lever, pancreas enz.) scheidt schadelijke stoffen af die vetafzettingen op de slagaderwanden bevorderen (atheroomplaque). 9

Wat is de BMI van een vrouw van 1,70 m die 76 kg weegt? Haar BMI is: 76 / (1,70 x 1,70) = 26,29 kg/m2

HET WETEN WAARD

  • Als de BMI < 18,5 kg/m², spreekt men van ondergewicht
  • Als de BMI >18,5 kg/m² en < 25 kg/m², spreekt men van een normaal gewicht
  • Als de BMI > 25 kg/m² en < 30 kg/ m², spreekt men van overgewicht
  • Als de BMI > 30 kg/m², spreekt men van obesitas 11

De Body Mass Index (BMI) wordt internationaal gebruikt om zwaarlijvigheid en obesitas te meten. De index komt overeen met de verhouding van het lichaamsgewicht / kwadraat van de lichaamslengte. 10

PRAKTISCHE TIPS OM UW BUIKOMTREK TE METEN

  • Gebruik een lintmeter
  • Meet uw buikomtrek halfweg tussen de onderste rib en de bovenkant van de heup, terwijl u uw buikspieren ontspant.

HET WETEN WAARD

Abdominale obesitas en overgewicht bevorderen de ontwikkeling van diabetes en hypertensie.

Hoe interpreteert u de meting van uw buikomtrek? Wanneer is er sprake van abdominale obesitas?

Men spreekt van abdominale obesitas als de buikomtrek groter is dan:

  • 102 cm bij de man.
  • 88 cm bij de vrouw (buiten de zwangerschap). 12

Roken

Het gebruik van tabak is een belangrijke risicofactor voor hart- en vaatziekten. Hoe meer u rookt, hoe groter uw kans op een cardiovasculaire ziekte. 13

Tabak tast vooral de bloedvaten van het hart en de benen aan. Door te roken vergroot u uw risico op cardiovasculaire ziekten en kanker.

Tabak heeft veel schadelijke gevolgen voor de bloedvaten:

  • Tabak verhoogt de hoeveelheid slechte cholesterol in het bloed.
  • Tabak heeft een rechtstreekse schadelijke werking op de slagaderwanden.
  • Hij bevordert de vorming van bloedklonters  in de slagaders. 15

Ook passief roken vormt een cardiovasculair risico. Rookt u zelf niet maar wordt u thuis of op het werk omgeven door rokers? Dan is uw risico toch hoger!

Referenties
  • 1 - https://www.diabetes.be/
  • 2 - Seaquist et al J Clin Endocrinol Metab, May 2013, 98(5):1845–1859
  • 4 - American Diabetes Association. Standards of medical care in diabetes – 2015. Diabetes Care 2015; 38: S1-S94
  • 7 - http://www.diabetes.org
  • 8 - Catapano AL et al ESC/EAS Guidelines for the management of dyslipidaemias The Task Force for the management of dyslipidaemias of the European Society of Cardiology (ESC) and the European Atherosclerosis Society (EAS). Atherosclerosis 2011; 217: 3- 46
  • 9 - Konishi M et al Atherosclerosis 2010 ; 209 : 573-578
  • 10 - http://www.who.int/mediacentre/factsheets/fs311/en
  • 11 - https://www.uza.be/sites/default/files/uza_obesitas_lr.pdf
  • 12 - Heinzle S et al Pediatr Obes. 2015 Dec 8. doi: 10.1111/ijpo.12083. [Epub ahead of print]
  • 13 - Wu CF et al World J Cardiol 2015 ; 26 : 742-753
  • 14 - Peshkova IO et al FEBS J 2015 doi : 10.1111/febs.13634 (epub ahead of print)
  • 15 - Undas A et al Arterioscler Thromb Vasc Biol 2011; 31: e88-99

gerelateerd